Q is de aanduiding van Quelle, de bron van de evangelies, de in een variant van het Grieks geschreven oertekst, het oorspronkelijke verslag van de wederwaardigheden van Jezus. Deze toont, in het boek van Eekhaut, een waarheid die de Kerk niet openbaar wil hebben, omdat het het fundament onder de Kerk zou wegslaan, omdat het niet de liefhebbende God de Vader suggereert, maar de Demiurg, het gelijk van de gnostici zou tonen.
De huurmoordenaar Lens Hoffman heeft in Kopenhagen zijn laatste klus gedaan en wil nu met pensioen, maar hij weet dat de organisatie waarvoor hij werkt dat niet zal toestaan. Hij weet teveel, dus moet hij in dienst blijven of worden vermoord. Hij moet dus ongemerkt verdwijnen, niet terug te vinden zijn. Vlak voor hij de ferry van Denemarken naar Duitsland neemt, neemt hij een liftster mee, Alex, een veel jongere vrouw. Al snel daarna blijken ze twee mannen achter zich aan te hebben, die zelfs op hen schieten. Zit de organisatie al achter hem aan? Lens twijfelt, want het blijkt dat Alex, een academica die oude kerkelijke geschriften bestudeert, in de bibliotheek van Kopenhagen een exemplaar van Q heeft gevonden en dat heeft gestolen. Zij is er van overtuigd dat het agenten van het Vaticaan zijn, die Q terug wilen hebben en haar dood, omdat ze weet wat in het geschrift staat.
Over een thriller moet je in een bespreking niet teveel vertellen, dus laat ik het bij het fundament van dit verhaal, dat zo algemeen is dat het niets zegt over de feitelijke ontwikkelingen, namelijk de ontwikkeling van de relatie tussen Hoffman en Alex, twee vreemden die niets van elkaar weten, ieder met zijn eigen duistere geheimen, toevallig met elkaar opgescheept, een oudere man en een jongere vrouw. De spanning in deze relatie wordt, haast op een existentiële manier, vergroot door de externe bedreiging. Misschien dat Eekhaut hierin de essentie van een relatie verkent, de veronderstelling dat je alleen samen de vijandelijke buitenwereld kunt weerstaan.
Deze roman lijkt geheel in Eekhaut’s thrillerdomein te liggen, het domein van de realiteit, en dus buiten zijn fantasydomein. Maar realisme in de literatuur bestaat niet, zoals Harry Mulisch, iets anders geformuleerd, ook al eens opmerkte. Eekhaut doet het in deze roman prachtig uit de doeken: “Mensen zijn niet zoals in boeken, daarom zijn boeken ook niet levensecht. Als boeken echte mensen en echte levens beschreven, zoals mensen leven, dag in en dag uit, dan zouden die boeken saai en onleesbaar zijn. Niemand zou de moeite doen om ze te kopen. Ze zouden niemand doen dromen. Ze zouden zeker hun lezers niet inspireren boven zichzelf uit te groeien. Ze zouden geen inspiratie bieden. Daarom is alle fictie fantasy: er wordt een wereld in weergegeven die niet echt bestaat en die niet kan bestaan. Een leugen, dus. Een wereld die alleen in het verzinsel en de verbeelding bestaat. De lezer verwacht ook niet dat de literaire werelden echt zijn. Hoeft niet. De lezer wil losgerukt worden uit zijn saaie, banale leven en wil uitzonderlijke ervaringen opdoen. Hij wil ontvoerd worden. Hij wil belogen worden. Met zoete, spannende, opwindende, passionele leugens.”
Dit wordt gepresenteerd als de mening van Hoffman, maar ik ben er van overtuigd dat het de literatuuropvatting van Eekhaut is, en het toont dat zijn fantasy en zijn thrillers in elkaars verlengde liggen, slechts andere accenten zijn in de zoete, spannende, opwindende, passionele leugens die hij ons vertelt. Wat Eekhaut niet vertelt, is dat onder de fantasy van goede fictie de waarheid van onze menselijke existentie ligt, onze emoties en onze relaties. Maar dat hoeft hij ook niet te zeggen, want omdat hij goede fictie schrijft, is die waarheid door het verhaal op zich al duidelijk.

Paul Van Leeuwenkamp, in Hebban. 

Een heel bijzondere, aantrekkelijke misdaadroman
— Drukinkt
Eekhaut stelt ook in deze nieuwe thriller niet teleur. Wat begint als de zoveelste conventionele thriller rond een geheim manuscript groeit uit tot een boeiende psychologische roadmovie met een minieme portie actie.
— Nederlandse Bibliotheek Dienst
Het is knap hoe Eekhaut de spanning zo hoog houdt terwijl er een enorme kalmte uitgaat van zijn geserreerde schrijfstijl.
— Vrij Nederland thrillergids